Friso Smits schrijft over lied 528: Omdat Hij niet ver wou zijn

Nu ik net begonnen ben in een nieuwe werkkring, word ik weer even bepaald hoe ik me daar voorstel. Na een tijdje weten mijn collega’s wel dat ik homo ben en ééntje met kinderen. Dit vindt men meestal wel interessant om meer over te vernemen. Als ze ook horen dat ik naar de kerk ga, worden er wenkbrauwen gefronst. Gaat dat nu wel samen, geloof en homoseksualiteit?

In het lied 528 van het nieuwe Liedboek - zingen en bidden in huis en kerk komen voor mij die thema’s mooi samen.

Omdat Hij niet ver wou zijn
Is de Heer gekomen
Midden in wat mensen zijn
Heeft Hij willen wonen.

Het verwoordt enigszins de verbazing, die wordt verbeeld in de fronsende wenkbrauwen. In Nederland is gelukkig homoseksueel zijn over het algemeen geen issue, maar de combinatie met geloof roept vragen op. Voor mij zegt bovenstaande tekst dat juist God dicht bij je kern wil zijn en juist daarmee je homoseksualiteit omarmt. Ik probeer dat meestal ook op die manier toe te lichten, om daarmee uit te leggen dat het juist mijn homoseksualiteit bekrachtigt in plaats van uitsluit.

Met de refrein regel:

Midden onder u staat Hij die gij niet kent.

wordt voor mij verwoord, het onbekende van het geloof dat het juist bevrijdt in plaats van veroordeelt.

Een paar jaar geleden heb ik ook vanuit die motivatie meegevaren op het heilige bootje wat toen mee deed aan de Gaypride in Amsterdam. Voor mij was dit een fris statement naar onze wereld, dat geloof juist heel goed kan worden verbonden met je queer identiteit. Deze boodschap wordt ook nog eens mooi verwoord in vers 5 van dit lied:

Wees verheugd, van zorgen vrij
God die wij aanbidden
is ons rakelings nabij
wonend in ons midden.

Friso Smits, theoloog, werkt bij Spelenderwijs Utrecht, educatie voor het jonge kind en is lid van het Werkverband van Queer Theologen